Uitspraak van de week: ‘afdwingbare’ renovatiewerkzaamheden in het gehuurde?

Een huurder moet de verhuurder gelegenheid geven tot het (laten) uitvoeren van renovatiewerkzaamhe-den indien de verhuurder hiertoe een ‘’redelijk voorstel’’ heeft gedaan. Of een voorstel redelijk is, is na-tuurlijk subjectief. In ieder geval moet er rekening worden gehouden met de belangen van verhuurder én huurder. Daarbij zijn er verschillende omstandigheden van belang, zoals of het voorstel de aard van de werkzaamheden helder omschrijft en aandacht besteedt aan de noodzaak van medewerking van de huurder. In deze uitspraak van de week is in geschil of een huurder toegang moet geven aan zijn verhuur-der voor het plaatsen van een HR-ketel in zijn keuken.

De feiten
Een woningstichting had de huurders van een ‘bouwkundige eenheid’ door middel van een bewonersbro-chure, brieven en een bezichtiging van een modelwoning op de hoogte gesteld van geplande renovatie-werkzaamheden. Zij had daarna gevraagd om een stemming voor (of tegen) het renovatieplan. Eén van de huurders had akkoord gegeven om er vervolgens van terug te komen. Althans had de huurder expliciet akkoord gegeven voor plaatsing van zes zonnepanelen, maar wilde hij niet dat er een HR-ketel in zijn keuken werd geplaatst. In de bewonersbrochure stonden de plannen voor plaatsing van een HR-ketel in de keuken wel aangegeven. Toen de aannemer bij één van de huurders een begin wilde maken aan dit plan, verbood de huurder de aannemer die werkzaamheden in zijn huis uit te voeren.  

Redelijk voorstel = medewerking
De woningstichting vordert bij de kantonrechter (onder meer) de veroordeling van de huurder tot toela-ting in zijn woning en plaatsing van de HR-ketel in diens keuken. De huurder verweert zich tegen deze vordering omdat hij de bewonersbrochure nooit zou hebben ontvangen en omdat hij meent een verkeer-de voorstelling van zaken te hebben gehad toen hij de akkoordverklaring voor het voorstel ondertekende. De kantonrechter kan de verweren van de huurder vrij gemakkelijk passeren: het renovatievoorstel wordt vermoed redelijk te zijn nu er meer dan 70% van de huurders hadden ingestemd en de rechter niet (eerder) is gevraagd een beslissing te nemen over de redelijkheid van het voorstel. De huurder dient reeds daarom in beginsel zijn medewerking te verlenen aan de uitvoering volgens het renovatieplan. De woningstichting mag de HR-ketel dus (laten) plaatsen in de keuken en de verdere renovatiewerkzaamhe-den hervatten. 

Art. 7:220 lid 3 BW bepaalt dat, indien 70% van de huurders van een bouwkundige eenheid instemmen met een renovatieplan, er in beginsel van alle huurders mag worden verwacht dat zij gelegenheid geven de werkzaamheden uit te voeren. Ook indien een huurder het daar niet mee eens is. Let wel op dat een huurder die niet instemt binnen acht weken na de schriftelijke kennisgeving van de verhuurder dat het voorstel voor meer dan 70% van de huurders akkoord is, bij de rechter een oordeel kan vorderen omtrent de daadwerkelijke redelijkheid van het voorstel. Indien het voorstel niet redelijk wordt geacht, kan me-dewerking van de huurder in beginsel niet gevergd worden. 

Wilt u de uitspraak zelf lezen? Dat kan hier

verborgen gebreken.jpg

Auteur

mr. E.N. de Jonge

Gepubliceerd op

27-11-2023

Rechtsgebieden